Reisverhaal: Diksmuide via de Maas, Moezel, Rijn, Lahn en Nederland terug

Auteur: Walter Decock, voorzitter IJzervaarders vzw

Vaarroute: Diksmuide via de Maas, Moezel, Rijn, Lahn en Nederland terug.
Jaar: 2011

Dag collega-toervaarder,


In mijn vorig verslag, heb ik het genoegen gehad jullie te laten kennismaken met de prachtige Saône, Seille en Doubs, alsook een klein stukje Rijn tot Strassbourg. Voor de volgende aflevering heb ik een nieuw stukje vaarwater in de aanbieding. We varen dit seizoen een voor veel toervaarders bekend stukje water, de Maas, Moezel, Rijn en terug naar huis, alleen bekeken uit een totaal andere hoek, maar dat merken jullie wel.

Uit mijn andere schrijfsels weten jullie al dat wij luie schippers zijn. Om volop te genieten van ons vaarseizoen van ongeveer vijf maanden, hebben wij al jaren de keuze gemaakt om op tijd te vertrekken, en liefst voor de middag ons einddoel van die dag te bereiken. Dit geeft een aantal belangrijke voordelen, je vindt altijd een mooie aanlegplaats, noch de schipper, noch de bemanning zijn moe. Je hebt alle tijd om kennis te maken met de nieuwe omgeving, de lokale mensen en gebruiken. Ik kan jullie verzekeren, er gaat een nieuwe wereld voor je open. Al onze vaarvrienden die het eenmaal uitgeprobeerd hebben, willen niets anders meer.

Deel 1

Voor de gemakkelijkheid slaan we onze Belgische Maas over (ook daar hoef je geen lange vaardagen te maken) en beginnen we deze reis aan de Franse grens. Omdat we door een staking van de sluiswachters enkele heerlijke dagen extra in Waulsort zijn blijven hangen, samen met veel andere schepen, zijn we de eerste dag in overdrive gegaan en hebben Givet en Vireux-Wallerand overgeslagen om te belanden in Haybes.

Hier kregen we al bijna het deksel op onze neus om pas na 14u30 aan te komen. Gelukkig waren er nog net 2 plaatsen vrij. Onze vrienden uit Luik, Jean-Marie en Annick, met de Lilly Boyd die samen met ons uit Diksmuide vertrokken zijn, halen ons terug in. Zo varen wij graag samen: iedereen doet zijn ding, sommige dagen varen we samen, dan weer enkele dagen niet, en elk houd op zijn manier vakantie. Alleen de reisweg is voor een groot deel gemeenschappelijk, zo kan er geholpen worden indien nodig.

Fumay varen we voorbij om te eindigen, na 3 uurtjes genietend varen, in één van onze lievelingsplekjes, Revin. Zoals altijd worden we super vriendelijk ontvangen en stralen de bloemen in al hun glorie. Na de middag loopt de haven propvol, tot zelfs enkele boten die driedubbel moeten liggen, wel gezellig. Door probleempjes met onze hond zoeken we hier een dierenarts op. We worden perfect geholpen, al moeten we hiervoor een extra dag blijven liggen, maar dat is hier zeker geen straf!

Vanaf hier gaat de rem er helemaal op. We stoppen in Laifour (1u30 varen), Chateau Regnault (2u15) en Lumes (3u20). Dan hebben we nog Charleville-Mézieres niet aangedaan, je kan niet alles hebben. De volgende dag hebben we overdreven, liefst 4u30 varen tot Mouzon. Dat vraagt natuurlijk om een extra rustdag om de mooie abdij van nabij te bekijken. De volgende dag varen we de rustigste halte op de Maas, ferme Alma voorbij, om te eindigen boven sluis 33. Schitterend liggen op de rivier, met de mooiste zonsondergang, en in the middle of nowhere. Dat alles na een vermoeiende 2u15 varen. Wat kan het leven mooi zijn (en rustig), stress is voor anderen.

Op dit tempo gaat het verder naar allemaal goede aanlegmogelijkheden met regelmatig bevoorrading op loopafstand, en dan bedoel ik geen 2 km. We stoppen in Stenay (1u45), Dun (1u45) en Consenvoy (3u20). In dit laatste plaatsje, een turf groot, is sinds vorig jaar een leuk restaurantje geopend, waar je lekker, en betaalbaar kan eten, Le Chat Gourmet.

Ook in Consenvoye leren we Frans en Janet van de Lady Jane kennen, toffe lui uit Amsterdam. We zullen hen nog veel zien op de rest van deze reis. Door de waterstand schutten wij praktisch altijd met twee en zelfs drie schepen. Iemand moet water sparen en het goede voorbeeld geven. Spijtig genoeg hebben we niet veel volgelingen, veel schippers hebben blijkbaar bang van versassen en willen absoluut alleen in de sluis.

Verdun ligt zoals altijd propvol, zelfs in Belleville, net ervoor en onze favoriet, is ditmaal geen plaats. Na het middagmaal in de voormalige beroepshaven, gooien we opnieuw los en bereiken Dieue, net voor sluitingstijd van de sluis (eigenlijk 10 minuten te laat maar de sluiswachters zijn onze vrienden toch). Hier moeten we vandaag op pinnen liggen, maar morgen vertrekken er enkele schepen. We maken hiervan dapper gebruik om enkele dagen (5) te blijven liggen. Het is warm, zelfs te, en het huishouden (was, strijk, inkopen, onderhoud, poetsen) eist ook zijn tol.

Door de lage waterstand varen er hier veel meer spitsen dan anders. Ze kunnen namelijk het Canal des Ardennes niet door met meer dan 1,40m diepgang. De kunst is, je goed te informeren waar ze zijn, en je plannen aan te passen. Aan 3km/uur varen is ook niet leuk, blijf dan beter een dag liggen. Je hart en je zenuwen zullen je dankbaar zijn, om nog maar te zwijgen van je partner.

We varen nu naar La Croix sur Meuse (2u) en dan in één trek naar Commercy (5u30), St.Mihiel ligt natuurlijk vol (alles is hier gratis nietwaar). De kade van de Aldi, een must voor elke passant, leent zich ook perfect tot een partijtje België-Nederland in pétanque, glansrijk door ons gewonnen.

Om de spitsen van hiervoor te ontwijken, varen we ineens naar Toul en slaan een drietal mogelijke aanlegplaatsen over waaronder Lay Saint Remy, net voor de tunnel van Foug, een aanradertje. Natuurlijk blijven we hier enkele dagen uitrusten.

De haven is mooi heraangelegd, met nu ook plaats voor grotere schepen. Alleen wordt het elk jaar gekker. Er zijn er die al voor zeven uur aan de sluis gaan liggen, om zeker als eerste om negen uur te kunnen versassen. Iedereen wakker natuurlijk. Moet je weten dat ze alles hergroeperen in de eerste Moezelsluis, Fontenoy. Te gek om los te lopen. Toul blijft een must, ondanks de verdubbeling van de prijs, van 4€ en naar 9€40.

We zijn aan het einde van dit eerste deel van onze 2011 reis. Vanaf nu gaan we de Moezel af. Voor dit eerste stukje begonnen we in Diksmuide op 3 mei, en het is nu 6 juli. We hebben ons geen moment verveeld, veel nieuwe mensen leren kennen, en 100% genoten. Haast en spoed zijn zelden goed!

Deel 2

Hier begint het tweede deel van de reis met de Hygiëa 2011.

Het eerste deel bracht ons tot Toul. We gaan nog even verder op bekend terrein, stroomafwaarts op de Moezel. We starten op een normaal uur, rond negen. Er liggen al verschillende schepen te wachten om de laatste drie kleine sluisjes te nemen van het Canal Marne Rhin. We laten ze rustig voorgaan en varen rond 9u30 de sluis in samen met de Lady Jane. Na oproep via VHF weten we al dat de haastige voorgangers mooi op ons liggen te wachten in de grote Moezelsluis. Met zijn allen gaat het dan vlot verder tot de splitsing naar Nancy. Hier valt de groep van 6 schepen uit elkaar. Met drie gaan we verder.

Ons doel voor vandaag is Pont à Mousson, in de oude kanaalarm. Het is hier rustig en mooi liggen. We ontmoeten opnieuw twee schepen van de KNMC die we al in Waulsort leerden kennen.

Op de Moezel gaan we even wat langer varen. Na de 5u15 van gisteren doen we er 4 uur bij tot Metz. Jullie moeten zorgen daar in het weekend aan te komen. Net achter het havengebouw vinden jullie het Lac du Cygne. Hier krijg je een gratis topvoorstelling van een schitterend waterorgel. Elk jaar kiezen ze een ander thema, nu is Vivaldi aan de beurt. Het is al de vierde keer dat we dit meemaken, en elke keer voegen ze nog een nieuw element toe, prachtig. We blijven natuurlijk enkele dagen liggen. Metz is als Brugge, je ontdekt altijd andere plekjes. Tijdens ons verblijf helpen we enkele andere schippers met problemen. Duncan Flack, een goede technieker uit Toul is de aangewezen man als je in de regio dringende herstellingen moet uitvoeren. Hij is betrouwbaar, snel en niet te duur: noteren dus.

Tijdens onze trip naar Thionville (4u5min) moet er opnieuw een schip geholpen worden. Het gaat weer om een kabelbreuk. Volgens Nicky zit er hier ergens een kabelvreter. Duncan lost ook hier het probleem op. In Schwebsange (3u50) worden natuurlijk alle dieseltanks volgegooid. Aan 1€18 is dit logisch.

We doen er nog één stevige vaardag bij tot Konz (4u). Daar blijven we een extra dag om Trier te bezoeken via de trein. Zeker doen, het loont de moeite. Vanaf nu komen we in voor ons nieuw vaarwater. Een tip: zorg dat je elke reis een onbekend stuk vaarwater moet verkennen, zo blijft het spannend en interessant.

Zoals jullie ons al kennen, gaat de rem er weer op. We ontdekken een mooi, afwisselend vaarwater, met niet te veel sluizen. Ons plan is elke dag één sluis te nemen. Zo beperk je in ieder geval vervelende wachttijden, de sluiswachters schutten liefst jachten niet alleen, en er is beroepsvaart genoeg. Alleen de hotelschepen (vleescontainers genoemd) en de partyboten zorgen voor discussies. Ondanks een Europees verbod, krijgen ze nog altijd voorrang op iedereen, inclusief de vrachtschepen!

We overnachten in Mehring (2u45) bij de WSC (vrijwillige bijdrage!), in Neumagen/Dhron (2u05), aangenaam maar duur, en in Bernkastel (2u55).

Hier blijven we wat langer liggen, de ménagestop weet je nog. Er is nog net genoeg plaats voor drie schepen. Sinds Konz varen Lilly Boyd en Lady Jane mee. In Bernkastel valt er natuurlijk een en ander te zien, alleen voor inkopen heb je goede wandelschoenen nodig (2,5 km). Onze volgende stop is Traben/Trarbach (2u50) waar net plaats is voor 2 schepen (en nummer 3 langszij). Ook Zell (2u25) kan ons bekoren en Senheim (2u45) valt best mee, alleen een stuk duurder dan de vorige 2 aanlegplaatsen, maar wel een volledig uitgeruste haven met zelfs dure diesel.

Onze volgende stop is het beroemde Cochem (2u). Wil je water lig je best aan de buitenkant. Betalen moet je aan het veerpontje. Natuurlijk moeten jullie hier blijven liggen. Een wandeling naar het kasteel is een must, wel stevig stappen. Ook het stadje, hoewel heel toeristisch, kan bekoren. Nicky vindt zelfs een goede kapper aan de haven, ook de supermarkt is op 20 minuten wandelen.

We verlaten Cochem na drie dagen en varen naar Löf (3u30), een gezellige verenigingshaven waar je het liggeld in de brievenbus moet gooien.

We eindigen onze trip op de Moezel in Koblenz (2u30) aan de privésteiger van Jochen en Ina. Die hebben we leren kennen in 2009, in Thionville. We hebben er de mooiste ligplaats op de Moezel aan overgehouden, met alle luxe. Zo zie je maar weer, contacten leggen en onderhouden loont. We blijven hier zes dagen hangen. Het worden gezellige maar vermoeiende dagen met onze Duitse vrienden. We maken van de gelegenheid gebruik om het mooie Koblenz te bezoeken en een boottocht te maken met de Goethe, het vlaggenschip van de KD line, naar Rüdesheim en terug. Dit is veel aangenamer en goedkoper dan met je eigen bootje de Rijn stroomopwaarts te gaan varen, 10km tegenstroom aan de Loreley liegen niet!

Het tweede deel van mijn reisverslag zit er op. In de laatste aflevering varen we samen de Lahn op en af, en de Rijn zu Tal naar Nederland.

Deel 3

We zijn aanbeland in Koblenz bij Jochen en Ina, aan een privésteiger, een zeer prettige ervaring. Op woensdag 3 augustus wordt het hoog tijd om onze trip verder te zetten. We gaan sluis Koblenz door met alleen twee jachtjes en draaien aan het Deutsche Eck stuurboord de Rijn op. Het verschil is direct te merken. Onze snelheid op GPS zakt naar 6 à 7 km per uur, wat evenveel tegenstroom betekent. Gelukkig moeten we slechts zes kilometer om de monding van de Lahn te bereiken. Met 200 toeren meer (1700 nu) lukt ons dat in 50 minuten. Met slechts één oploper is het ook op de Rijn rustig varen.

Na de sluis van Lahnstein (telefonisch oproepen), bereiken we een totaal andere wereld. We varen bijna door een natuurgebied, mooi en afwisselend. De Lahn is een kronkelende rivier met zuiver water. We eindigen vandaag, na 4u30 in Bad Ems, een kuuroord met casino, zeer goed bewaarde gebouwen en parken. In vergelijking met de aanlegplaatsen van de Moezel, gaat de prijs mooi omlaag, wat ook bijdraagt tot ons goed gevoel. Natuurlijk gaat hier de rem er weer op. We willen genieten van de omgeving en de haltes. Via Nassau (1u50min), een Aldi op wandelafstand, gaat het naar Laurenburg (2u30) waar we een extra dag blijven voor het zomerfeest. Spijtig genoeg regent het de hele dag. We maken er toch nog een gezellig feestje van en drinken de winst van het liggeld, slechts 5€, op.

Onze volgende stop is Diez, een mooi stadje met alles er op en er aan. We hebben weer de fenomenale 2u45 min gevaren. We vieren de verjaardag van Nicky met spijs en drank. Zo gaat wel de lijn in stijgende …. Om Limburg am Lahn te bezoeken blijven we hier een dag langer. Daar zijn ze de aanlegplaats aan het vernieuwen. Met de bus kom je er ook, en niet duur. Vraag gewoon naar het beste tarief, wij betaalden 8,45€ voor 5, heen en weer. Dit stadje is zeker een bezoek waard, en de shoppers komen hier ook aan hun trekken. We eindigen in een toffe konditorei in Diez, met ijs en taart. De volgende dag varen we het laatste bevaarbare stuk Lahn, tot Dehrn (2u20). Opgelet met aanmeren, er zit een stevige stroming! Het dorp betekent niet veel, maar de Lidl is om de hoek, en, als je er toch bent, kan je de rivier net zo goed helemaal opvaren.

Op de terugreis nemen we natuurlijk andere stopplaatsen. Door de stroom mee gaan we nu veel sneller. We overnachten in Balduinstein bij MYC Schaumburg (2u15). Zorg wel voor volle batterijen, elektriciteit kost hier liefst 1€/kWh, het liggeld daarentegen is maar 9€. De wandeling naar de burcht is stevig en mooi, door het bos. Spijtig genoeg mogen we het kasteeldomein zelf niet binnen. We hebben er toch van genoten.

Via 3 sluizen, vlot bediend en makkelijk – glijstangen of touwen – gaat het verder naar Hollerick. De wind speelt ons parten, en we moeten ons aanmeermanoeuvre hernemen. Alles gaat de tweede keer perfect en we liggen in een rustig haventje met E/W. De omgeving leent zich tot mooie wandelingen naar Kloster Arnstein of naar Obernhof, het enige wijndorp van de Lahn. In Bad Ems komen we weer samen met Lilly Boyd. Lady Jane is de hele tijd bij ons gebleven. Om hier te geraken hebben we 1u40 gevaren. Ons gemiddelde blijft mooi behouden. De piepkleine aanlegsteigers (75 cm breed), vormen geen probleem voor ervaren schippers, zeker als je een midden bolder hebt.

We eindigen onze trip op de Lahn, hoe kan het anders, in Lahnstein (1u25). Het is lekker eten in het Schlausenhaüschen. Een mooie wandeling naar Nieder-Lahnstein maakt de trip compleet. S ’Avonds is er, voor de liefhebbers, “Rhin in Flammen”, met vuurwerk van Bingen tot Koblenz, spectaculair.

Om 10 uur liggen we met zijn drieën klaar voor onze enige sluis voor een hele tijd. De eerste schutting is voor ons, en na de laatste honderden meters gaan we stuurboord de Rijn op, nu stroomafwaarts. Onze eerste vaardag is de langste, 4u05, om te eindigen in de moderne marina van Oberwinter. Na een rustig begin zitten we de laatste 2 uur in de drukte van vracht-, hotel- en partyschepen. Het gaat behoorlijk te keer maar blijft altijd controleerbaar. Na een droge start gaan, speciaal besteld, de hemelsluizen open voor de 20 laatste minuten en het aanleggen. Spanning hoort er ook bij, liefst niet te veel.

Samen hebben de schippers beslist het aantal vaaruren te beperken, maar dat zijn jullie al van ons gewoon. We stoppen in Pörz, in het groen en het mooie dorp vlakbij (2u30), in Hitdorf, met prachtig uitzicht op de drukke scheepvaart (2u15), en in de Paradieshafen bij MJC Düsseldorf (2U50).

Hier blijven we enkele dagen liggen voor de was en de plas. Op uitnodiging doen we er nog een gratis dag bij, voor gezellige havenfeesten. We waren de eerste Belgische bezoekers ooit! Dit is te begrijpen, de meesten willen absoluut in Köln of/en Düsseldorf liggen. Iedereen zijn ding, maar wij liggen niet graag tussen hoge muren, zonder enig uitzicht.

Elke stad is bereikbaar per fiets of met openbaar vervoer, en de andere haventjes zijn mooier, leuker, gezelliger, en veel goedkoper. De enige stadshaven waar we binnen varen is een teleurstelling. Duisburg heeft een volledig uitgeruste haven maar we betaalden 18,50€ voor een 11 meter, een pak meer dan in onze andere stopplaatsen, en de stad is een tegenvaller van formaat, met uitzondering van het gerenoveerde havengebied. Alleen de Lidl is vlakbij. Voor ons eenmaal en nooit meer.

We vervolgen onze reis en gaan naar Wesel (3u05). Je kunt er een mooie wandeling maken naar het stadje, ongeveer 2,5 km, en terug natuurlijk.

Onze volgende stop is Emmerich (2u40). We worden vriendelijk ontvangen door een Nederlands sprekende havenmeester. Door een hevig onweer, niet ons eerste deze reis, kunnen we niet veel uitspoken en blijven, buiten de verplichte toertjes met ons woefje, rustig aan boord.

Om onze tocht op de Rijn af te ronden, beslissen we om een extraatje toe te voegen. Over de Griethauser Altrhein, aan km 864, varen we door sluis Brienen naar Kleve. De vriendelijkste sluiswachter van Duitsland helpt je verder.

In Kleve lig je vlak bij het mooie centrum met een schitterend kasteel, winkels en horeca om de hoek. Het is er gratis aanmeren, en voor mei 2012 komt er ook elektriciteit. Nu was het een werf aan de overkant, voor de nieuwe hogeschool. Dit is een absolute aanrader, ook als je naar Nederland vaart via Nijmegen. Het korte stukje stroomopwaarts vanaf het Pannerdenskanaal (3km) mag geen hindernis zijn om Kleve aan te varen.

Hier sluit ik mijn reisverslag af. Het laatste stukje over Waal en de Zeeuwse meren is genoeg bekend. Ik zou zeggen, tot ziens onderweg of in ons mooie Diksmuide.

Walter en Nicky van de Hygiëa, met woef Amor.

Enkele tips

  • Varen op de Rijn is, op deze manier, niet vermoeiend of stresserend. Beperk je vaaruren, zo blijf je alert, wat ook nodig is.
  • Bij een snelheid van 17 à 18 km/uur op GPS haalt de vrachtvaart je zelden in, wat de rust erg bevordert. Het gevaar, dat weten we allemaal, komt van achter.
  • Hou, in de mate van het mogelijke, rekening met de “blauwe plaat”, en ga ook aan de verkeerde wal varen als zij het doen. Doet er eentje niet mee, vaar dan tussen hen door.
  • De liggelden op de Moezel en de Rijn zijn, buiten de grote steden, betaalbaar, gemiddeld 1€/m. Elektriciteit is meestal afzonderlijk te betalen aan 0,50€/kWh. Zorg voor voldoende 50 cent stukken.
  • Een goede achteruitkijkspiegel of matroos is noodzakelijk. Ook een sterke verrekijker is aan te raden. Zo kan je vroeg inschatten wat de grote jongens van plan zijn.
  • Een laatste tip: geniet ervan, zoals wij ervan genoten hebben, ondanks slechter weer, en, de Waal is drukker dan de Rijn.

Plaats een reactie